De vroedvrouw verloste ook de taal

Recensie van Sverker Johansson, De oorsprong van taal. Waar, wanneer en waarom de mens begon met praten. Uit het Zweeds vertaald door Lucy Pijttersen en Marit Kramer. Meulenhoff, 416 blz., € 26,99


Bakerpraatjes. Het is een ander woord voor het onzinnige geklets waarom ouderwetse, ondeugdelijk geschoolde kraamverpleegsters vroeger kennelijk bekend stonden. Toch zou het, zo stelt de Zweedse multigeleerde Sverker Johansson (1961), waarschijnlijk nooit wat met de mensheid zijn geworden als onze verre voormoeders van de inmiddels uitgestorven mensensoort Homo Erectus elkaar zo’n 1,8 miljoen jaar geleden niet waren gaan helpen bij de steeds zwaardere bevalling. Omdat de kraamvrouwen het niet meer alleen af konden, nu hun bekkens zoveel smaller en de hoofdjes van de baby’s zoveel groter waren geworden. Volgens Johansson is het heel goed denkbaar dat die hulpvaardigheid en dat vertrouwen in elkaar de bakermat van onze taal is geweest. Lees verder

Dooddoeners: nietszeggend of juist filosofisch?

Interview met Ignaas Devisch (1970) en Jean Paul Van Bendegem (1953), Vlaamse filosofen en schrijvers van ‘Doordenken over dooddoeners’. Polis, 240 blz., € 20,-


Van Bendegem: “De functie van dooddoeners zoals ‘Het een is het een, het ander is het ander’ of ‘Het is overal iets’ is vaak om een gesprek af te ronden, waarbij het vooral de bedoeling is om niet te vragen wat men daar precies mee bedoelt. Dat heeft een soort van nietszeggendheid over zich en in dit boek hebben wij geprobeerd de filosofische diepgang te onderzoeken die ook in dooddoeners zit.” Lees verder

IJselijk amusante taalgrillen

Recensie van zes recente boekjes over leuke en ergerlijke taal

Taal. Het blijft een wonderlijk verschijnsel. Je kunt er van alles mee uitdrukken, maar er ook vreselijk mee miskleunen. Taal brengt mensen samen: een ultrakort ‘ja’ volstaat al om twee levens voorgoed aaneen te smeden. Maar via je taal kun je ook anderen buitensluiten – zoals mijn ouders vroeger Frans gingen praten als ze het onderwerp niet geschikt vonden voor kinderoren.

Taal en identiteit, ook zoiets. Het Nederlands is misschien wel het enige dat we in dit land echt gemeenschappelijk hebben, dus wee degene die er slordig mee omspringt: wie zijn d’s en t’s niet beheerst of met Engelse woorden strooit, wordt al gauw dom of arrogant gevonden. Maar ook voor wie het verschil tussen ‘de’ en ‘het’, ‘dat’ en ‘wat’ en ‘hun’ en ‘hen’ feilloos beheerst, kan de Nederlandse taallogica nog knap bizar zijn. Het heeft ook dit jaar weer geleid tot een stapeltje vrolijke boekjes over taal, die tegenwoordig vooral door vrouwen blijken te worden geschreven. Lees verder