Wilde zwanen en daarna

Recensie van Jung Chang, ‘Vlieg, wilde zwanen. Mijn moeder, China en ik’. Uit het Engels vertaald door Paul Syrier en Ton Heuvelmans. Boekerij, 304 blz.


Hoe verging het Jung Chang en haar moeder na het immense succes van ‘Wilde zwanen’?

Staat ze nog bij u in de boekenkast? Of anders bij uw (groot)ouders? Het kan maar zo, want ‘Wilde zwanen’ van de Chinese schrijfster Jung Chang (1952) was begin jaren negentig een gigantische bestseller. Er werden in ruim veertig verschillende talen meer dan vijftien miljoen exemplaren van verkocht en vermoedelijk achterelkaar uitgelezen. De Nederlandse editie beleefde dit voorjaar zelfs alweer haar drieënzeventigste (!) druk.

En terecht. Want Chang vertelde daarin de dramatische familiegeschiedenis van haar grootmoeder, haar moeder en zichzelf. Het verhaal begon bij haar levenslang pijnlijk strompelende grootmoeder Yu-fang (1909-1969), wier voeten nog waren afgebonden en die op haar vijftiende als concubine was weggegeven aan een generaal, Changs grootvader.

En dan het rauwe verhaal van Changs feministische moeder, Xia De-hong, die zich als studente aansloot bij het communistische verzet, dat gelijkheid en rechtvaardigheid beloofde. Ze had begin jaren vijftig een hoge partijfunctie, maar werd al snel slachtoffer van een reeks ontstellend wrede zuiveringscampagnes. Changs onuitstaanbaar onkreukbare vader, die de euvele moed had Mao brieven te schrijven over de wantoestanden in het land, overleefde de gruwelen van de Culturele Revolutie niet.

Tot slot Changs eigen verhaal. Geboren in de partij-elite, maar opgegroeid als kind van ‘klassevijanden’. Ze leerde op school dat Mao God was, moest aanzien hoe haar ouders tijdens ‘aanklachtenbijeenkomsten’ mishandeld werden, maar was te weekhartig om zelf als lid van de Rode Garde theehuisbezoekers en andere ‘contrarevolutionairen’ te terroriseren.

Opendeurpolitiek

Doorleren zat er niet in: ze moest meteen na de middenschool gedwongen aan het werk als boer en fabrieksarbeider. Totdat ze onder de liberalere, opendeurpolitiek van Deng Xiaoping in 1973 opeens (gebrekkig) Engels mocht gaan studeren. Dankzij haar hoge cijfers en haar moeders oude partijconnecties kreeg ze vervolgens een beurs waarmee ze als een van de eerste Chinezen in Groot-Brittannië verder kon studeren.

‘Wilde zwanen’ stopte toen Chang blakend van optimisme op 12 september 1978 in het vliegtuig naar Londen stapte. Maar hoe verging het haar, haar familie en haar geboorteland sindsdien? Heeft de toekomst nog altijd de kleur van rozen? Daarover gaat haar nieuwste boek, ‘Vlieg, wilde zwanen’.

Inderdaad: onder Deng ging het met de vrijheid vooreerst de goede kant op. Aanvankelijk werd er in Londen nog streng op toegezien dat de Chinese studenten niet besmet raakten met de westerse decadentie, maar van gaandeweg lukte het Chang steeds vaker te ontsnappen naar de bioscoop, de disco en feestjes. In 1982 trouwde ze in Londen zelfs ongestraft met een niet-Chinees – iets wat toen officieel nog gold als desertie, waarop je familie thuis zwaar afgerekend kon worden.

Een andere belangrijk jaar in Changs leven was 1988, toen haar moeder een half jaar naar Londen mocht komen en Chang voor het eerst naar haar levensverhaal durfde te luisteren. Dat mondde uit in de bestseller ‘Wilde zwanen’ èn Changs steeds grotere bewondering en schuldbewuste dankbaarheid voor de zelfopofferingen van haar geestelijk onverwoestbare moeder.

‘Wilde zwanen’ is in China nog altijd verboden (maar met een beetje moeite wel te vinden). Toch kreeg Chang tot 2006 gemakkelijk jaarlijks een visum om haar moeder in Chengdu te bezoeken en onderzoek te doen voor haar volgende boek: de biografie van Mao. Tien jaar lang dook ze met haar Ierse echtgenoot Jon Halliday in pas geopende (en inmiddels weer gesloten) archieven en interviewde ze naast internationale VIP’s als Henry Kissinger, George Bush sr. en Mobutu vrijwel ongehinderd talloze verbazend openhartige ooggetuigen, nabestaanden, daders, slachtoffers, jeugdvrienden en voormalige partij- en dorpsgenoten van de man die, zo is de belangrijkste conclusie, in zijn grenzeloze machtswellust meer dan zeventig miljoen Chinezen moedwillig de dood in heeft gejaagd – en dat in vredestijd.

Die bijna duizend bladzijden dikke, kritische Mao-biografie uit 2005 sloeg volgens ‘Time’ in als een atoombom, maar ging de hervormingsgezinde communistische partij evenwel vele bruggen te ver: je persoonlijke familiegeschiedenis vertellen is één ding, maar opschrijven dat Mao een monster en de legendarische slag om de Ludinghangbrug uit 1935 een verzinsel was, dat was andere kost.

Met als gevolg dat het Chang steeds moeilijker werd gemaakt om China in te komen, ze daar dan niet meer zonder ‘begeleiding’ op pad mocht en moest beloven dat ze zich verre zou houden van politieke uitspraken en ‘gevoelig personen’. Dankzij haar internationale roem, haar inmiddels Britse paspoort en assertiviteit en de wijze raad van haar moeder laveert ze nog een tijd tussen de bureaucratische klippen door.

Pijnlijk besef

Maar als voorzitter Xi Jinping in 2018 de onder Deng ingezette liberalisering radicaal terugdraait, wijzen alle voortekenen erop dat ze bij een volgend bezoek aan China wel eens ouderwets-maoïstisch zou kunnen verdwijnen. Haar intussen hoogbejaarde moeder verbiedt haar daarop om nog een voet in China te zetten, in het voor hen beiden zeer pijnlijke besef dat Chang dus niet aan haar sterfbed zal kunnen staan.

‘Vlieg, wilde zwanen’ vertelt het indrukwekkende verhaal van hoe Chang mede dankzij haar onwaarschijnlijk taaie oma en moeder tussen de mazen van de wereldgeschiedenis door glipt en daar internationaal betekenis aan geeft. Maar het is ook en vooral een eerbetoon van een naar warmte en wederzijdse zorgzaamheid verlangende dochter voor de bovenaardse zelfbeheersing en bijkans onwaarschijnlijk onberispelijke moraal van haar meestal verstandige, maar verre moeder.

In navolging van haar inmiddels overleden moeder probeert Chang ook nu, in 2025, de democratische moed erin te houden. Maar waar ze in het nawoord bij ‘Wilde zwanen’ er ondanks het bloedbad uit 1989 op het Tiananmenplein nog heilig van overtuigd was dat de koers van de liberalisering In China onomkeerbaar was, klinkt haar optimistische geloof in de onvermijdelijke einde van Xi’s repressieve neo-maoïsme op de laatste pagina van haar recente boek eerder wanhopig en tegen beter weten in.

Mij deed het aangrijpende ‘Vlieg, wilde zwanen’ weer naar Changs debuut grijpen. Plus naar haar minder bekende, maar ook zeer lezenswaardige biografie uit 2013 van de in China lang verguisde keizerin-douairière Cixi (1836-1908), die als eerste de poort naar de buitenwereld openzette èn het afbinden van meisjesvoeten verbood. En o ja, tot slot een verzoek aan de makers van kruiswoordpuzzels: zouden jullie de eervolle omschrijving ‘Chinees staatsman’, drie letters, willen veranderen in ‘wrede Chinese dictator’?


EEN GEREDIGEERDE VERSIE VAN DEZE RECENSIE VERSCHEEN OP 11 OKTOBER 2025 IN

logo Trouw