Bent u al bi-religieus?

Manuela Kalsky en Frieda Pruim, Flexibel geloven. Zingeving voorbij de grenzen van religies. Vught: Skandalon, 2014. 205 pag., € 17,95.

 

Kaft Kalsky, Flexibel gelovenDe maaksters

Theologe Manuela Kalsky (1961) is bijzonder hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Daarnaast is ze directeur van het Dominicaanse Studiecentrum voor Theologie en Samenleving (DSTS) en leidt ze het onderzoeksproject ‘Op zoek naar een nieuw wij in Nederland’ en de website Nieuwwij.nl. U kent haar wellicht ook als lid van Trouws Theologisch Elftal.

Interviewster Frieda Pruim was eerder redacteur bij Opzij en schrijft tegenwoordig voor tijdschriften als Volzin en Genoeg. In 2007 verscheen haar boek In dienst van God, een bundel levensverhalen van kloosterzusters.

De foto’s bij Pruims interviews zijn van Jocelyne Moreau, de Franse fotografe die in 2013 opviel met haar affiche voor de Frans Hals-tentoonstelling in de Haarlemse Hallen.

De thematiek

De kerken blijven in rap tempo leeglopen, maar wie denkt dat de secularisatie in Nederland binnenkort wel rond zal zijn, kon zich wel eens flink vergissen. Zo’n zestig procent van de bevolking noemt zichzelf namelijk nog altijd gelovig en dat gaat vaak toch dieper dan een vaag ietsisme of een boeddhabeeldje uit de Blokker in de vensterbank.

Die indruk wekken in elk geval de elf interviews van Frieda Pruim met ‘flexibele gelovigen’, mensen die verschillende geloofstradities weten te combineren of in te wisselen. Bijvoorbeeld omdat in het ouderlijke bed in Suriname twee geloven op één kussen lagen en ze opgegroeid zijn met hindoeïstische én christelijke verhalen en rituelen. Of omdat ze zich na een lange spirituele speurtocht uiteindelijk thuis voelen bij zowel christendom als boeddhisme. Mensen die van huis uit katholiek zijn, maar jood worden omdat dat geloof je niet opzadelt met onbegrijpelijke dogma’s als de heilige drie-eenheid of erfzonde. Die opgeleid zijn tot druïde, maar zich ook senang voelen in Taizé. Of die, zoals cabaretière Nilgün Yerli, besluiten dat het helemaal niet nodig is om voor één bepaald geloof te kiezen – is de kern van álle geloven niet immers liefde?

Opvallendste stelling

Deze bi-, trans- en multireligiositeit heeft de toekomst, vermoedt Kalsky. Religiewetenschappers hebben er zelfs al een (foeilelijk) label voor: multiple religious belonging (mrb). Het boek Flexibel geloven warmt de lezer alvast op voor de verwachte uitkomsten van het DSTS-onderzoek naar deze superdiverse ‘religieuze meerstemmigheid’. Harde cijfers over aantallen en soorten mrb’ers  in Nederland ontbreken namelijk nog.

Een verklaring ervoor heeft Kalsky al wel: het verschijnsel is een optelsom van secularisering, globalisering en individualisering. Want een beetje mrb’er stelt op basis van zijn eigen levensverhaal achter zijn eigen voordeur zijn eigen geloof samen, bijna altijd buiten instituties als kerk en moskee om.

Karakteristieke zin

‘”Een lappendeken”, zo typeert Kaouthar Darmoni haar geloof. “Mijn spirituele traditie is het islamitische soefisme, maar ik doe ook aan boeddhistische meditatie, steek kaarsjes op in de katholieke kerk en vier joodse feesten”.’

Redenen om dit boek niet te lezen

Wie gesteld is op zuiverheid in de leer, zal regelmatig naar adem happen bij zoveel vrijzinnige doe-het-zelverij, waarin een goed gevoel belangrijker is dan theologische doorwrochtheid, religieus gezag of gemeentelijk leven. Kalsky vindt het allemaal even prachtig: haar favoriete roman is dan ook Het leven van Pi, het verhaal over een Indiaas jongetje dat zich zowel hindoe, als christen als moslim voelt. Voor de duistere, minder vreedzame  vormen van solistisch religieus geknutsel achter de voordeur heeft ze in haar enthousiasme helaas nog geen oog.

Redenen om dit boek wel te lezen

Kalsky signaleert een heel interessante trend, die erop wijst dat het einde van de religie nog lang niet nabij is. Integendeel: de leeglopende godshuizen zouden eerder duiden op religieuze emancipatie. Dat moet toch een prikkelende gedachte zijn voor iedereen zich wel eens zorgen maakt over de religieuze toekomst van de wereld. Maar de grote charme van het boek zit voorlopig nog vooral in Pruims interviews met al die paradijsvogels, die vrijmoedig een hoogst persoonlijk stuk van hun ziel laten zien. Dat is inderdaad geloofsvrijheid in de praktijk.


Een geredigeerde versie van deze recensie verscheen op 19 november 2014 in
logo Trouw