Gebruik de Bijbel zoals Jezus dat deed

Recensie van Richard Rohr, Spiritueel Bijbellezen. Uit het Engels vertaald door Daan Savert. KokBoekencentrum, 61 blz., € 19,99

Drie sterren


De schrijver

Richard Rohr (1943) is een Amerikaanse franciscaner priester, mysticus en successchrijver van al ruim dertig populair-spirituele titels, waarvan er inmiddels een vijftal in het Nederlands is vertaald. Helaas is ‘De weg van de wildeman’ uit 1993, over de spirituele emancipatie van de man, me indertijd ontgaan, de intrigerende titel ten spijt. Collega-recensenten Sjoerd Mulder en Wolter Huntinga waren eerder maar matig enthousiast over zijn recentere ‘Goddelijke dans’ (2017) en ‘Het Christusmysterie’ (2019). Maar omdat niet alleen Rohr veel moois in het getal drie ziet, aan mij nu de taak zijn nieuwsteling, ‘Spiritueel Bijbellezen’, zo onbevangen mogelijk te bespreken.

De thematiek

In drie hoofdstukken probeert Rohr ons zover te krijgen dat we de Bijbel eindelijk weer eens goed gaan lezen. Want daar was volgens hem flink de klad in gekomen sinds de vierde eeuw, toen het christendom tot staatsgodsdienst was verheven en de Bijbel in handen was gevallen van ‘egocentrische, liefdeloze of machtsbeluste figuren’ en baantjesjagers. Met dramatische gevolgen: ketterverbranding, kruistochten, slavernij, apartheid en ongebreideld kapitalisme.

Dat de auteurs van de Bijbel bijna altijd partij kozen voor buitenstaanders en onderdrukten, dat kregen de ongeletterde gelovigen eeuwenlang niet te horen. Maar ook de Reformatie en Verlichting maakten het er niet veel beter op, omdat men volgens Rohr daarin vrijwel alleen maar oog had voor de letterlijke, rationele of historische betekenislagen van de Bijbel.

Hoog tijd dus om de Bijbel ‘transrationeel’ gaan lezen en er vanuit een ‘biddende dialoog’ een ‘symbiotische relatie’ mee aan te gaan. Ook moeten we opnieuw gaan vertrouwen op ons ‘spiritueel gezonde verstand’. Daarvoor hoeven we heus niet supervroom of academisch geschoold te zijn, zo blijkt ook uit de richtlijnen die Rohr voor ons heeft als we de Bijbel openslaan: bid vooraf om leiding van de Heilige Geest, probeer eerst los te komen van je eigen wil en ego en te luisteren naar een stem die ‘dieper is dan die van jezelf’. Wat dan leidt tot ‘liefde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing’.

Opvallendste stelling

Rohr is spiritueel niet eenkennig: hij verwijst net zo makkelijk naar paus Franciscus, Theresia van Lisieux en de Talmoed als naar het boeddhisme, Carl Jung en enneagrammen. Zijn orthodoxere critici noemen hem hierom een hapsnappende ‘cafetaria-katholiek’; zijn mystieke overtuiging dat we allemaal Godskinderen zijn, riekt in hun neus zelfs naar ketterij.

Rohrs verweer: ik bedrijf ‘Jezus-hermeneutiek’, ik probeer de Bijbel op dezelfde te gebruiken manier als Jezus dat indertijd deed. Creatief. Naïef, simplistisch. Positief. Selectief. Vanuit zijn eigen ervaring met God en zijn gezonde Joodse verstand. Niet fundamentalistisch of wettisch, maar spiritueel en humaan. Losjes, lichtzinnig zelfs. Baanbrekend en barmhartig. Spannend, bevrijdend en dus gevaarlijk. En soms inderdaad godslasterlijk.

Centrale zin

“Het gaat er mij niet om de tekst zelf te veranderen, als wel om de blik van de lezer te veranderen. Alleen wie een bekering heeft ondergaan kun je heilige teksten toevertrouwen.”

Redenen om dit boek niet te lezen

Het zal mijn gebrek aan mystieke ervaring zijn, maar ik kan weinig touw vastknopen aan zinnen waarin ‘het verbale van de persoonlijke ervaring als het ware opgaat in haar betekenis’. En begrijp ik het nou goed dat ik in ongeïnspireerde staat maar beter kan zwijgen over geïnspireerde teksten, omdat ik die geen eer kan aandoen daar ik er ‘de lucht uit zuig?’ Is dat inderdaad de ‘radicale inclusiviteit’ die Jezus voor ogen stond?

Redenen om dit boek wel te lezen

Ja, weet Rohr: de Bijbel staat vol met verhalen waarmee je als (on)gelovige je superioriteitsgevoelens, vooroordelen  en ego heerlijk kunt opkrikken – een kwalijke behoefte die hij in zowel conservatieve als progressieve kringen bespeurt. En al krijg ik de indruk dat hij daarbij vooral de dualistische politiek-religieuze verhoudingen in de Verenigde Staten voor ogen heeft, zijn franciscaans-eenvoudige ideeën over hoe je Jezus ook kunt navolgen in de losse manier waarop hij met heilige teksten omsprong, lijken mij ook hier serieuze contemplatie waard.


Een geredigeerde versie van deze recensie verscheen op 9 september 2020 in