De barones van de armen

Recensie van Astrid Schutte, Barones tussen de armen. Spectrum, 320 blz.


Normaal gesproken zou freule Alwine de Vos van Steenwijk (1921-2012) minstens met een baron zijn getrouwd en hem het vereiste nageslacht hebben gebaard. Dan had Astrid Schutte vast nooit haar biografie geschreven. Maar Alwine en de geschiedenis bepaalden anders. Trouwen zou ze bijvoorbeeld nooit: de Duitsers fusilleerden haar verloofde en medeverzetsstrijder Jan. En in 1953 serveerde haar vader vervolgens haar tweede liefde af, omdat die gescheiden en niet van adel was.

Maar ondertussen was Alwine, als een van de eerste Nederlandse vrouwen, wel diplomaat geworden. Ze werkte in Washington, Lissabon, Bonn en Parijs en leek met haar charme, talenkennis, uitstekende manieren en werklust een glanzende carrière tegemoet te gaan. Een ander rebels keerpunt in haar leven: in 1957 werd ze tot woede van haar zeer protestantse vader katholiek. Lees verder

En dan nu het verhaal van de Griekse vrouwen

Recensie van Natalie Haynes, De kruik van Pandora. Vrouwen in Griekse mythen. Uit het Engels vertaald door Henny Corver en Frits van der Waa. Meulenhoff, 376 blz.


Het klassieke Griekenland mag dan de bakermat van de democratie zijn: voor vrouwen (en slaven) waren het barre tijden. Fatsoenlijk vrouwen hoorden binnen te blijven, onzichtbaar voor het oog van vreemde mannen, want stel je voor dat ze zwanger zouden raken van een ander. Toch spelen ze als godinnen een vaak bijzonder actieve rol in de mythologie: zonder Athenes hulp was Odysseus nooit thuisgekomen en tegen de macht van liefdesgodin Afrodite was zelfs oppergod Zeus niet opgewassen. Ook in het klassieke theater kwamen heel wat vrouwen voor, zij het dat hun rollen toen vertolkt werden door mannen en de tribune verboden gebied was voor wat Hesiodos het ‘dodelijke ras der vrouwen’ noemde. Lees verder

Afrikaanse letterkunde: waar ligt dat?

Recensie van Mineke Schipper, Daniela Merolla en Inge Brinkman, ‘Afrikaanse letterkunde. Tradities, genres, auteurs en ontwikkelingen.’ AUP, 411 blz.


Kaft SchipperSoms doet een mens iets spijtigs. Je begint vlijtig te ontspullen en neemt zelfs je boekenkast te grazen, waarbij je afscheid neemt van een aantal geëngageerde romans uit Afrika, uit de tijd de Novib nog geen Oxfam heette en samen met het Wereldvenster de Derde Spreker-serie uitgaf. En vervolgens verschijnt de derde, flink herziene druk van Mineke Schippers handboek ‘Afrikaanse letterkunde’ en besef je dat je Chinua Achebe, Buchi Emecheta en Ben Okri iets te voortvarend naar de kringloop hebt gebracht. Lees verder